Lichaamstaal LLichaamstaal ROm een hond goed te begrijpen is het noodzakelijk te weten dat een hond communiceert door middel van lichaamstaal. Braaf leert de cursist de lichaamstaal van de hond globaal te begrijpen / lezen door binnen de lessen uitleg te geven over wat de hond met zijn lichaamshouding, de stand van de staart de oren en de expressie bedoelt.

De communicatie van soortgenoten onderling gebeurt voor 90 procent met lichaamstaal. Belangrijk is te weten dat de hond met dezelfde lichaamstaal naar de baas l het gezin communiceert, omdat de hond onze mensentaal niet machtig is. De signalen geven ons informatie over zijn psychische toestand, zijn behoeften en over zijn sociale status.

Miscommunicaties tussen baas en hond kunnen ontstaan, wanneer de hond wordt vermenselijkt en zodoende verkeerd wordt begrepen. Een voorbeeld hiervan is dat de hond in huis wordt gestraft voor foutief gedrag (bijvoorbeeld plassen op het tapijt). De houding van een hond, nadat er duidelijk is gestraft, omschrijft men vaak als “hij krimpt in elkaar’ en kan als meelijwekkend worden ervaren. Maar wat de hond toont is onderwerping door zich letterlijk klein te maken. Hij geeft aan dat de baas zich als sterkste heeft getoond en ranghoger is. De hond stelt zich onderdanig op om weer braaf gevonden te worden.

Het is niet alleen essentieel de lichaamstaal van de hond te kunnen lezen, maar ook te weten dat de hond onze lichaamstaal continue leest.

Tevens is het belangrijk te weten dat een hond een neusdier is; de neus van de hond is zeer fijngevoelig en daarmee het zintuig waar de meeste prikkels mee worden ontvangen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit het besnuffelen onder de staart als onbekende honden elkaar tegenkomen. Rond de anus bevinden zich twee geurkliertjes, de zo genoemde anaalklieren, die reukstoffen afscheiden.

Elke hond heeft een eigen reukstof/ herkenningsgeur. die individuele geurinformatie overdraagt. Staartdracht is gekoppeld aan het verspreiden van deze herkenningsgeur. Wanneer de stand van de staart bijvoorbeeld aangeknepen is. doelt de hond erop niet geroken te willen worden, dus niet aanwezig te willen zijn.

Ook geuren die door honden worden uitgezet door het doen van de behoeften, hebben een unieke identiteit. Met het achterlaten van deze individuele geurvlaggen communiceert de hond met andere soortgenoten betreffende de afbakening van het territorium.

Maar niet alleen door middel van geurvlaggen kan de hond profileren en domineren. De houding van een hond (volwassen of pup) die een andere hond omklemt of bestijgt, wordt veelal omschreven als seksueel gedrag. Met uitzondering van een loops teefje en een reu, betreft het aannemen van deze houding echter het toe-eigenen en domineren van een soortgenoot. Ook kan een hond dit gedrag tonen naar een baas / gezinslid of een object in huis.

Braaf gaat er vanuit dat een hond onder appèl een neutrale lichaamshouding, oordracht en staartdracht heeft. Een hond verkeert in deze toestand wanneer hij vertrouwt op de baas en daarom niet continu alert hoeft te zijn of signalen hoeft af te geven aan zijn omgeving, omdat de baas (de ranghogere) leiding neemt. Een hond voelt zich hier rustig en prettig bij.